Veel planten in huis hebben, is hip en helemaal terug van weggeweest. Zo werd mij duidelijk toen iemand mooie groene foto’s deelde op Instagram en daarbij de vraag stelde: ‘Hoeveel planten heb jij in huis?’ Uit de reacties bleek dat mensen enthousiast aan het tellen waren gegaan en de aantallen met elkaar deelden. De gedachte drong zich aan mij op: Heb ik iets gemist? Sinds wanneer is het een ‘ding’ om veel planten in huis te hebben?

Verzorging

Onwillekeurig gingen mijn gedachten terug naar mijn ouderlijk huis. Alle vensterbanken en elk vrij tafeltje stonden vol planten. Mijn moeder verzorgde ze trouw en hield speciale voedingsschema’s bij voor de verschillende soorten. Toegegeven, ze deden het er heel goed op en jongden vrolijk door, waardoor er nieuwe stekjes werden opgekweekt en de vensterbanken steeds voller werden. Het ging zelfs zo ver dat de vakanties van de buren en die van ons op elkaar werden afgestemd omwille van de plantjes! Zo konden mijn moeder en de buurvrouw om de beurt elkaars zorgtaken over nemen en toch met een gerust hart op vakantie gaan.

Van frisgroen tot vaalbruin

En terecht! Planten zijn namelijk levende wezens. Net zoals je zorgt voor je hond of kat, moet je ook voor planten zorgen. Als je ze in huis haalt tenminste.
Jarenlang heb ik dat gedaan: planten in huis gehaald. Het mooie frisse groen van planten heeft een positief effect op de sfeer in huis en op mijn gemoed. Ik word er blij van! Maar ondanks goede voornemens en verzorgingsschema’s verwerd het frisse groen naar verloop van tijd altijd weer tot een vaalgroene tot lichtbruine troosteloze boel. Ik voelde me schuldig, gooide de planten weg en verving ze weer door een frisgroen nieuw exemplaar waarvoor ik volgens de bloemist behoorlijk mijn best zou moeten doen om ze te laten verpieteren. Nou, ik zal wel talent hebben dan, het lukte me telkens weer. Drie weken per jaar echter leefden ze op. Dat was tijdens onze vakanties en onder de liefdevolle groene handen van de buurvrouw!

Hoe natuurlijk zijn veel planten in huis..?

Gemodder dus, dat vraagt om een keuze. Die heb ik gemaakt. Planten, zo constateerde ik, horen helemaal niet per se thuis in mijn huis waar ze afhankelijk zijn van mijn niet-groene vingers. Ze horen buiten in de volle grond en hun natuurlijke omgeving. Daar waar ze kunnen groeien en bloeien zoveel als binnen hun vermogens ligt. Waar ze niet beperkt worden door potten en teveel of te weinig zonlicht. Waar ze in de herfst afsterven en de aarde bemesten en in de lente weer uitlopen.
Dit inzicht hielp mij om rust te vinden bij mijn kamerplantenkeuze 😉
Voor het raam hangen nu twee eeuwig frisgroene hangplanten ?. Wel het mooie frisse groen dat me blij maakt, zonder het schuldgevoel. Bovendien veel duurzamer dan het laten importeren of opkweken van een prachtige plant die vervolgens in mijn huis het loodje legt.
Er is in huis en in mijn hart ruimte voor één echte kamerplant die zich mag verheugen in af en toe een slokje water. De rest laat ik met liefde buiten staan.

Moraal van dit verhaal: organiseer je huis(houden) en spullen zoals het bij jou past. Onderzoek ook eens alternatieven die niet zo voor de hand liggen en durf het anders te doen. Ik denk graag creatief met je mee! Laat je gegevens achter in het contactformulier, dan bel ik je voor het maken van een vrijblijvend kennismakingsgesprek.